The other side

IMG_0026

Elke stad heeft een scheidslijn tussen goed en fout, rijk en arm, hip en statig. Soms is dat de spoorlijn – over het spoor wonen heeft in veel steden in Nederland een duistere klank – en als er een rivier door de stad loopt, markeert die meestal de piketpaaltjes. De linkeroever van de Seine is ’s werelds bekendste voorbeeld en in Amsterdam was het leven ten noorden van het IJ lange tijd geen pretje. Er stonden eens galgenvelden, als ik me goed heb laten informeren. Dat de hipheid van een buurt kan veranderen bewijst overigens hetzelfde Amsterdam-Noord. Leve de metro!

In Florence is het niet anders. De dom, het oude paleis en alles wat waard was om gezien te worden lag opgestapeld aan de noordzijde van de Arno. Oltrarno noemden de Florentijnen “die andere kant” meesmuilend. Je wilde er nog niet dood gevonden worden. Dat veranderde wel iets toen de Medici in 1550 in het zuidelijk gelegen Pittipaleis gingen huishouden en vervolgens de halve aristocratie hun buitens op de zuidoever ging bouwen, maar het hart van Florence bleef altijd kloppen aan ‘deze’ kant. Behoudens enige paleiselijke grandeur bleef het zuiden een werkstad met kleine straatjes, kroegjes en ambachtelijke industrie. En juist dat biedt tegenwoordig ongelofelijke voordelen. Ik noem er drie.

Het contingent Japanse, Chinese en Amerikaanse toeristen bevindt zich in het noorden. Natuurlijk trekken ze en masse de Ponte Vecchio over om een blik te werpen op het Pittipaleis en de Bobolituinen, maar daarna zwermen ze snel weer terug. Vermijd de Via Maggio en de Via de Guicciardini en je zit gebakken. De buurt is – en dat is het tweede voordeel – bezaaid met kroegjes, terrasjes en galeries. Oltrarno is hip, kleinschalig en je kunt er goed eten. Als het te warm wordt kun je afkoelen in de kerken en kapellen, die op elke hoek te vinden zijn. Of je neemt een biertje. En tenslotte – en dat is het prerogatief van elke achterbuurt – vanuit Oltrarno heb je het mooiste uitzicht op het ‘rijke’ Florence. Even over de Arno heen kijken naar de Dom, die schittert in het avondlicht. En nu ga ik wijn drinken.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *